ADR-Digitaal
home
Home

Deel 1 — Algemene voorschriften

Hoofdstuk 1.8 openen →

Deel 2 — Classificatie

Hoofdstuk 2.2.9 openen →

Deel 4 — Verpakkingen en tanks

Hoofdstuk 4.1 openen →
Hoofdstuk 4.2 openen →

Deel 5 — Procedures verzending

Hoofdstuk 5.4 openen →

Deel 6 — Constructie + beproeving verpakkingen

Hoofdstuk 6.1 openen →
Hoofdstuk 6.2 openen →
Hoofdstuk 6.5 openen →
Hoofdstuk 6.6 openen →
Hoofdstuk 6.7 openen →
Hoofdstuk 6.8 openen →
Hoofdstuk 6.11 openen →

Deel 7 — Vervoer, laden, lossen

Deel 8 — Bemanning + voertuig

Deel 9 — Constructie + goedkeuring voertuigen

Tabel A
ADR 2025

UN 3556 — Voertuig, door lithium-ion batterijen aangedreven

UN
3556
GEVI
 
Verpakkingsgroep
—
Classificatiecode
M11
Nederlands Voertuig, door lithium-ion batterijen aangedreven
English VEHICLE, LITHIUM ION BATTERY POWERED
Deutsch FAHRZEUG MIT ANTRIEB DURCH LITHIUM-IONEN- BATTERIEN
Français VÉHICULE MÛ PAR UNE BATTERIE AU LITHIUM IONIQUE
Español VEHÍCULO PROPULSADO POR BATERÍA DE ION LITIO
ADR klasse : 9 - Diverse gevaarlijke stoffen en voorwerpen

Beste bezoeker, 

U bent bijna bij de volledige inhoud

Deze pagina maakt deel uit van het afgeschermde gedeelte van ADR , bedoeld voor abonnees die dagelijks met de ADR regelgeving werken.

Met een abonnement heeft u onbeperkt toegang tot de complete, gedigitaliseerde ADR, snel doorzoekbaar, met onderlinge verwijzingen en altijd bijgewerkt naar de laatste versie. Precies wat u nodig heeft om zeker en efficiënt te werken.

  • Als u al abonnee bent log dan aub in
  • Nog geen abonnement ?  U bent slechts 1 minuut verwijderd van de volledige toegang tot de Digitale ADR.  
Limited Quantities : 0

Beste bezoeker, 

U bent bijna bij de volledige inhoud

Deze pagina maakt deel uit van het afgeschermde gedeelte van ADR , bedoeld voor abonnees die dagelijks met de ADR regelgeving werken.

Met een abonnement heeft u onbeperkt toegang tot de complete, gedigitaliseerde ADR, snel doorzoekbaar, met onderlinge verwijzingen en altijd bijgewerkt naar de laatste versie. Precies wat u nodig heeft om zeker en efficiënt te werken.

  • Als u al abonnee bent log dan aub in
  • Nog geen abonnement ?  U bent slechts 1 minuut verwijderd van de volledige toegang tot de Digitale ADR.  
Excepted Quantities : E0

Beste bezoeker, 

U bent bijna bij de volledige inhoud

Deze pagina maakt deel uit van het afgeschermde gedeelte van ADR , bedoeld voor abonnees die dagelijks met de ADR regelgeving werken.

Met een abonnement heeft u onbeperkt toegang tot de complete, gedigitaliseerde ADR, snel doorzoekbaar, met onderlinge verwijzingen en altijd bijgewerkt naar de laatste versie. Precies wat u nodig heeft om zeker en efficiënt te werken.

  • Als u al abonnee bent log dan aub in
  • Nog geen abonnement ?  U bent slechts 1 minuut verwijderd van de volledige toegang tot de Digitale ADR.  
Vervoerscategorie (1000 punten)

Beste bezoeker, 

U bent bijna bij de volledige inhoud

Deze pagina maakt deel uit van het afgeschermde gedeelte van ADR , bedoeld voor abonnees die dagelijks met de ADR regelgeving werken.

Met een abonnement heeft u onbeperkt toegang tot de complete, gedigitaliseerde ADR, snel doorzoekbaar, met onderlinge verwijzingen en altijd bijgewerkt naar de laatste versie. Precies wat u nodig heeft om zeker en efficiënt te werken.

  • Als u al abonnee bent log dan aub in
  • Nog geen abonnement ?  U bent slechts 1 minuut verwijderd van de volledige toegang tot de Digitale ADR.  
Tunnelcode : (-)

8.6.1

Algemene bepalingen
De bepalingen van dit hoofdstuk zijn van toepassing indien de doorgang van voertuigen door tunnels voor het wegverkeer beperkt is in overeenstemming met 1.9.5.

8.6.2

Verkeerstekens en symbolen voor het wegverkeer, van toepassing op de doorgang van voertuigen die gevaarlijke goederen vervoeren.

De tunnelcategorie, toegekend door de bevoegde autoriteit aan een bepaalde tunnel voor het wegverkeer in overeenstemming met 1.9.5.1 met het doel de doorgang van transporteenheden die gevaarlijke stoffen vervoeren te beperken, moet als volgt worden aangegeven door verkeerstekens en symbolen:

Verkeersteken en symbool Tunnelcategorie
Geen verkeersteken Tunnelcategorie A
Verkeersteken met bijkomend bord voorzien van de letter B Tunnelcategorie B
Verkeersteken met bijkomend bord voorzien van de letter C Tunnelcategorie C
Verkeersteken met bijkomend bord voorzien van de letter D Tunnelcategorie D
Verkeersteken met bijkomend bord voorzien van de letter E Tunnelcategorie E

 

8.6.3

Codes voor beperkingen in tunnels

8.6.3.1

De beperkingen voor het vervoer van bepaalde gevaarlijke goederen door tunnels zijn gebaseerd op de code voor beperkingen in tunnels van deze goederen, aangegeven in kolom (15) van tabel A van hoofdstuk 3.2.

De codes voor beperkingen in tunnels zijn tussen haakjes aangegeven in het onderste deel van de cel. Indien “(─)” is aangegeven in plaats van één van de codes voor beperkingen in tunnels, dan zijn de gevaarlijke stoffen aan geen enkele beperking in tunnels onderworpen; wat betreft de gevaarlijke goederen, ingedeeld in de UN-nummers 2919 en 3331, kunnen beperkingen voor de doorgang door tunnels echter deel uitmaken van de speciale regeling, goedgekeurd door de bevoegde autoriteit(en) op grond van 1.7.4.2.

8.6.3.2

Indien een transporteenheid gevaarlijke goederen bevat, waaraan verschillende codes voor beperkingen in tunnels zijn toegekend, dan moet de meest restrictieve van deze codes voor beperkingen in tunnels worden toegekend aan de gehele lading.

8.6.3.3

Gevaarlijke stoffen die overeenkomstig 1.1.3 worden vervoerd, zijn niet onderworpen aan beperkingen in tunnels en moeten niet in aanmerking worden genomen voor het vaststellen van de code voor beperkingen in tunnels, die aan de gehele lading van de transporteenheid moet worden toegekend, behalve indien de transporteenheid moet zijn voorzien van de kenmerking overeenkomstig 3.4.13 onder voorbehoud van 3.4.14.

8.6.4

Beperkingen voor de doorgang van transporteenheden die gevaarlijke goederen vervoeren door tunnels

De beperkingen voor de doorgang door tunnels zijn van toepassing:

  • op transporteenheden waarvoor kenmerking overeenkomstig 3.4.13 onder voorbehoud van 3.4.14 is voorgeschreven, voor de doorgang door tunnels van categorie E; en
  • op transporteenheden waarvoor kenmerking met een oranje bord overeenkomstig 5.3.2 is voorgeschreven, volgens onderstaande tabel, nadat de aan de gehele lading van de transporteenheid toe te kennen code voor beperkingen in tunnels is vastgesteld.
Code voor beperking
in tunnels
voor de
gehele lading
Beperking
B Doorgang verboden door tunnels van de categorie B, C, D en E.
B1000C Vervoer waarbij de totale netto massa ontplofbare stof per transporteenheid

- 1000 kg overschrijdt: doorgang verboden door tunnels van de categorie B, C, D en E;
- 1000 kg niet overschrijdt: doorgang verboden door tunnels van de categorie C, D en E

B/D Vervoer in tanks: doorgang verboden door tunnels van categorie B, C, D en E;
Ander vervoer: doorgang verboden door tunnels van categorie D en E
B/E Vervoer in tanks: doorgang verboden door tunnels van categorie B, C, D en E;
Ander vervoer: doorgang verboden door tunnels van categorie E
C Doorgang verboden door tunnels van categorie C, D en E
C5000D Vervoer waarbij de totale netto massa ontplofbare stof per transporteenheid

- 5000 kg overschrijdt: doorgang verboden door tunnels van categorie C, D en E;
- 5000 kg niet overschrijdt: doorgang verboden door tunnels van categorie D en E

C/D - Vervoer in tanks: doorgang verboden door tunnels van categorie C, D en E;
- Ander vervoer: doorgang verboden door tunnels van categorie D en E
C/E

- Vervoer in tanks: doorgang verboden door tunnels van categorie C, D en E;
- Ander vervoer: doorgang verboden door tunnels van categorie E

D Doorgang verboden door tunnels van categorie D en E
D/E Los gestort vervoer of vervoer in tanks: doorgang verboden door tunnels van categorie D en E;

Ander vervoer: doorgang verboden door tunnels van categorie E
E Doorgang verboden door tunnels van categorie E
- Doorgang toegestaan door alle tunnels
(Zie voor de UN-nummers 2919 en 3331 ook 8.6.3.1).

Opmerking 1: Bijvoorbeeld, de doorgang van een transporteenheid waarin UN 0161 rookzwak buskruit, classificatiecode 1.3C, code voor beperkingen in tunnels C5000D, wordt vervoerd, is in een hoeveelheid die overeenkomt met een totale netto massa ontplofbare stof van 3000 kg verboden door tunnels van categorieën D en E.

Opmerking 2: In gelimiteerde hoeveelheden verpakte gevaarlijke goederen die worden vervoerd in containers of transporteenheden met een kenmerking overeenkomstig de IMDG Code zijn niet onderworpen aan de beperkingen voor de doorgang door tunnels van categorie E wanneer de totale bruto massa van de colli met in gelimiteerde hoeveelheden verpakte gevaarlijke goederen ten hoogste 8 ton per transporteenheid bedraagt.

Kolom 5 Voorgeschreven etiketten

Uitleg bij kolom 5

Etiketten
Deze kolom bevat het nummer van het model van de etiketten / grote etiketten (zie 5.2.2.2 en 5.3.1.7) die moeten worden aangebracht op colli, containers, tankcontainers, transporttanks, MEGC's en voertuigen.

Echter voor stoffen of voorwerpen van klasse 7 betekent “7X” al naar gelang de categorie een gevaarsetiket volgens model nr. 7A. 7B of 7C (zie 5.1.5.3.4 en 5.2.2.1.11.1) of het grote etiket nr. 7D (zie 5.3.1.1.3 en 5.3.1.7.2).

De algemene voorschriften wat betreft het aanbrengen van etiketten / grote etiketten (bijv. aantal etiketten, plaats van aanbrengen) zijn voor colli te vinden in 5.2.2.1, en voor containers, tankcontainers, MEGC's, transporttanks en voertuigen in 5.3.1.

Opmerking: De voorschriften betreffende de etikettering zoals hierboven vermeld kunnen door bijzondere bepalingen, aangegeven in kolom (6), worden gewijzigd.

Etiket 9
9
Etiket 9A
9A

Kolom 6 Bijzondere bepalingen · hoofdstuk 3.3

Uitleg bij kolom 6

Bijzondere bepalingen
Deze kolom bevat de numerieke codes van de bijzondere bepalingen die in acht genomen moeten worden. Deze bepalingen betreffen een breed scala onderwerpen, hoofdzakelijk verband houdend met de inhoud van de kolommen (1) t/m (5) (bijv. verbodsbepalingen voor het vervoer, vrijstellingen van voorschriften, toelichting betreffende de classificatie van bepaalde vormen van de betreffende gevaarlijke stoffen en bijkomende voorschriften voor etikettering of de kenmerking), zij zijn in numerieke volgorde opgenomen in hoofdstuk 3.3.

Indien kolom (6) leeg is, zijn op de gegevens in de kolommen (1) t/m (5) voor de betreffende gevaarlijke stoffen of voorwerpen geen bijzondere bepalingen van toepassing.

Inklappen menu

3.3.1 - 388

3.3.1 - 666

3.3.1 - 667

3.3.1 - 669

3.3.1 : Bijzondere bepaling 388

Posities voor UN-nummer 3166 zijn van toepassing op voertuigen met verbrandingsmotoren of brandstofcellen, door brandbare vloeistof of brandbaar gas aangedreven.

Voertuigen met een motor met brandstofcel worden ingedeeld onder de posities
UN 3166 VOERTUIG, MET BRANDSTOFCEL, DOOR BRANDBAAR GAS AANGEDREVEN, of
UN 3166 VOERTUIG, MET BRANDSTOFCEL, DOOR BRANDBARE VLOEISTOF AANGEDREVEN,

naar gelang het geval.

Onder deze posities vallen hybride elektrische voertuigen, uitgerust met zowel een brandstofcel als een verbrandingsmotor en natte batterijen, natriumbatterijen, batterijen van metallisch lithium of lithium-ion-batterijen, die met de batterij(en) ingebouwd worden vervoerd.

Overige voertuigen met een verbrandingsmotor worden ingedeeld onder de posities

UN 3166 VOERTUIG, DOOR BRANDBAAR GAS AANGEDREVEN of
UN 3166 VOERTUIG, DOOR BRANDBARE VLOEISTOF AANGEDREVEN,

naar gelang het geval.

Onder deze posities vallen hybride elektrische voertuigen, uitgerust met zowel een verbrandingsmotor als natte batterijen, natriumbatterijen, batterijen van metallisch lithium of lithium-ion-batterijen, die met de batterij(en) ingebouwd worden vervoerd.

Indien een voertuig wordt aangedreven door een verbrandingsmotor die loopt op een brandbare vloeistof en een brandbaar gas, wordt het ingedeeld onder UN 3166 VOERTUIG, DOOR BRANDBAAR GAS AANGEDREVEN.

Positie UN 3171 is alleen van toepassing op voertuigen en apparatuur aangedreven door natte batterijen, metallische natriumbatterijen of batterijen van natriumlegeringen, die met deze batterijen ingebouwd worden vervoerd.

UN 3556 VOERTUIG, DOOR LITHIUM-ION BATTERIJ AANGEDREVEN,
UN 3557 VOERTUIG, DOOR LITHIUM-METAAL BATTERIJ AANGEDREVEN en
UN 3558 VOERTUIG, DOOR NATRIUM-ION-BATTERIJ AANGEDREVEN,

naar gelang van het geval, zijn van toepassing op voertuigen met lithium-ion-, lithium-metaal- of natrium-ion batterijen die met de batterijen ingebouwd worden vervoerd.

Voor de toepassing van deze bijzondere bepaling zijn voertuigen zelfrijdende apparaten die zijn ontworpen om één of meerdere personen of goederen te vervoeren. Voorbeelden van dergelijke voertuigen zijn auto's, motorfietsen, scooters, drie- en vierwielige voertuigen of motorfietsen, vrachtwagens, locomotieven, fietsen (trapfietsen met een motor) en andere voertuigen van dit type (bijvoorbeeld zelfbalancerende voertuigen of voertuigen die niet zijn uitgerust met ten minste één zitplaats), rolstoelen, gazontractoren, zelfrijdende landbouw- en bouwmachines, boten en vliegtuigen. Wanneer voertuigen in een verpakking worden vervoerd, mogen sommige onderdelen van het voertuig, met uitzondering van de batterij, worden losgemaakt van het frame om in de verpakking te passen.

Voorbeelden van apparatuur zijn grasmaaiers, reinigingsmachines of modelboten en modelvliegtuigen. Apparatuur die wordt aangedreven door lithium-metaalbatterijen of lithium-ionbatterijen moet worden toegewezen aan de volgende vermeldingen:

  • UN 3091 LITHIUM-METAALBATTERIJEN IN APPARATUUR
  • UN 3091 LITHIUM-METAALBATTERIJEN VERPAKT MET APPARATUUR
  • UN 3481 LITHIUM-IONBATTERIJEN IN APPARATUUR
  • UN 3481 LITHIUM-IONBATTERIJEN VERPAKT MET APPARATUUR

indien van toepassing.

Lithium-ionbatterijen of lithium-metaalbatterijen die zijn geïnstalleerd in een vrachttransporteenheid en uitsluitend zijn ontworpen om stroom te leveren aan een externe vrachttransporteenheid, moeten worden toegewezen aan de vermelding:

  • UN 3536 LITHIUMBATTERIJEN GEÏNSTALLEERD IN EEN VRACHTTRANSPORTEENHEID (lithium-ionbatterijen of lithium-metaalbatterijen).

Gevaarlijke goederen, zoals batterijen, airbags, brandblussers, drukgasaccumulatoren, veiligheidssystemen en andere integrale componenten van het voertuig die noodzakelijk zijn voor de werking van het voertuig of voor de veiligheid van de bestuurder of passagiers, moeten stevig in het voertuig zijn geïnstalleerd en vallen verder niet onder de ADR-regelgeving.

Lithiumbatterijen moeten echter voldoen aan de bepalingen van 2.2.9.1.7.1, behalve dat de vereisten (a), (e) (vii), (f) (iii) indien van toepassing, (f) (iv) indien van toepassing en (g) niet van toepassing zijn wanneer batterijen uit een productieserie van maximaal 100 cellen of batterijen, of pre-productie prototypes van cellen of batterijen die voor testdoeleinden worden vervoerd, in voertuigen zijn geïnstalleerd.

Daarnaast moeten natrium-ionbatterijen voldoen aan de bepalingen van 2.2.9.1.7.2, met uitzondering van de vereisten (a), (e) en (f), die niet van toepassing zijn wanneer batterijen uit een productieserie van maximaal 100 cellen of batterijen, of pre-productie prototypes van cellen of batterijen die voor testdoeleinden worden vervoerd, in voertuigen zijn geïnstalleerd.

Indien een lithiumbatterij die in een voertuig is geïnstalleerd beschadigd of defect is, moet het voertuig worden vervoerd in overeenstemming met de voorwaarden die zijn vastgelegd in bijzondere bepaling 667 (c).

3.3.1 : Bijzondere bepaling 666
Voertuigen en apparaten met accuvoeding als bedoeld in bijzondere bepaling 388, indien vervoerd als lading, alsmede alle gevaarlijke goederen die de voertuigen bevatten noodzakelijk voor de werking van de voertuigen of van de bijbehorende uitrustingsstukken zijn niet onderworpen aan enig ander voorschrift van het ADR, mits aan onderstaande voorwaarden is voldaan:

  1. Voor vloeibare brandstoffen: kleppen tussen de motor of apparatuur en het brandstofreservoir moeten tijdens het vervoer gesloten zijn, tenzij het voor de apparatuur noodzakelijk is dat deze in werking blijft. Voor zover van toepassing moeten de voertuigen rechtopstaand worden geladen, en wel zodanig, dat omvallen is uitgesloten;
  2. Voor gasvormige brandstoffen: kleppen tussen het brandstofreservoir en de motor moeten gesloten zijn en het elektrisch contact moet onderbroken zijn, tenzij het voor de uitrusting noodzakelijk is dat deze in werking blijft;
  3. Opslagsystemen met metaalhydride zijn goedgekeurd door de bevoegde autoriteit van het land van fabricage. Indien het land van fabricage geen Overeenkomstsluitende Partij is bij het ADR, moet de toestemming worden erkend door de bevoegde autoriteit van een Overeenkomstsluitende Partij bij het ADR;
  4. De bepalingen onder a) en b) zijn niet van toepassing op voertuigen die vrij zijn van vloeibare of gasvormige brandstoffen.

    Opmerking 1: Een voertuig wordt geacht vrij te zijn van vloeibare brandstof wanneer uit het reservoir voor de vloeibare brandstof alle brandstof is verwijderd en het voertuig niet meer kan functioneren door gebrek aan brandstof. Onderdelen van het voertuig, zoals brandstofleidingen, brandstoffilters en injectoren, hoeven niet gereinigd, afgetapt of doorgespoeld te zijn om als vrij van vloeibare brandstof te worden beschouwd. Ook hoeft het reservoir voor de vloeibare brandstof niet gereinigd of uitgespoeld te zijn.

    Opmerking 2: Een voertuig wordt geacht vrij te zijn van gasvormige brandstof wanneer uit de reservoirs voor gasvormige brandstof alle vloeistof is verwijderd (voor vloeibaar gemaakte gassen), de druk in de reservoirs niet hoger is dan 2 bar en het brandstofafsluitventiel of de isolatieklep gesloten en geborgd is.
  5. Voertuigen die volledig zijn ingesloten door verpakkingen, kratten of andere middelen waardoor ze niet direct kunnen worden herkend, vallen onder de kenmerkings- en etiketteringsvoorschriften van hoofdstuk 5.2.

Bij wijze van alternatief zie voor voertuigen aangedreven door natrium-ion-batterijen bijzondere bepaling 404.”

3.3.1 : Bijzondere bepaling 667

  1. (vervallen)
  2. De bepalingen van 2.2.9.1.7.1 en 2.2.9.1.7.2 zijn niet van toepassing op lithiumcellen of -batterijen, of natriumioncellen of -batterijen in beschadigde of defecte voertuigen, motoren of machines. In dergelijke gevallen gelden de volgende voorwaarden:

    1. Als de schade of het defect geen significante invloed heeft op de veiligheid van de cel of batterij, mogen beschadigde en defecte cellen en batterijen worden vervoerd onder de voorwaarden die zijn vastgelegd in de bijzondere bepalingen 363 of 666, indien van toepassing.

    2. Als de schade of het defect een significante invloed heeft op de veiligheid van de cel of batterij, moet de lithiumcel of -batterij of de natriumioncel of -batterij worden verwijderd en worden vervoerd volgens bijzondere bepaling 376.

      Echter, als het niet mogelijk is om de cel of batterij op een veilige manier te verwijderen of als het niet mogelijk is om de status van de cel of batterij te verifiëren, mag het voertuig, de motor of de machine worden verplaatst of vervoerd zoals beschreven in punt (i).

  1. De procedures beschreven in (b) zijn niet van toepassing op beschadigde lithiumcellen of -batterijen of natriumioncellen of -batterijen in voertuigen, motoren of machines.

3.3.1 : Bijzondere bepaling 669
Een aanhangwagen voorzien van uitrustingsstukken, aangedreven door een vloeibare of gasvormige brandstof of een opslag- en productiesysteem voor elektrische energie, bestemd voor gebruik tijdens het vervoer en in werking gesteld door deze aanhangwagen als onderdeel van een transporteenheid, moet ingedeeld worden onder de UN-nummers 3166, 3171, 3556, 3557 of 3558, naar gelang van het geval en onderworpen zijn aan dezelfde voorwaarden zoals vastgelegd voor deze UN-nummers bij vervoer als lading op een voertuig, mits de inhoud van de reservoirs die vloeibare brandstof bevatten ten hoogste 500 liter bedraagt.


Kolom 8 · 9a Verpakkingsinstructies en bijzondere verpakkingsvoorschriften · hoofdstuk 4.1.4

Uitleg bij kolom 8 en 9a

Verpakkingsinstructies
Deze kolom bevat de alfanumerieke codes van de verpakkingsinstructies, die van toepassing zijn:

  • Alfanumerieke codes beginnend met de letter “P”, die betrekking hebben op verpakkingsinstructies voor verpakkingen en houders (uitgezonderd IBC's en grote verpakkingen), of “R”, die betrekking hebben op verpakkingsinstructies voor lichte metalen verpakkingen.

    Deze instructies zijn in numerieke volgorde opgesomd in 4.1.4.1, en geven de verpakkingen en houders aan die zijn toegestaan. De instructies geven ook aan welke algemene verpakkingsvoorschriften van 4.1.1, 4.1.2 en 4.1.3 en welke bijzondere verpakkingsvoorschriften van 4.1.5, 4.1.6, 4.1.7, 4.1.8 en 4.1.9 in acht genomen moeten worden. Indien kolom (8) geen code bevat die begint met de letter “P” of “R”, mogen de betrokken gevaarlijke goederen niet in verpakkingen worden vervoerd;

  • Alfanumerieke codes beginnend met de letters “IBC”, die betrekking hebben op verpakkingsinstructies voor IBC's. Deze instructies zijn in numerieke volgorde opgesomd in 4.1.4.2, en geven de IBC’s aan, die zijn toegestaan.

    De instructies geven ook aan welke algemene verpakkingsvoorschriften van 4.1.1, 4.1.2 en 4.1.3 en welke bijzondere verpakkingsvoorschriften van 4.1.5, 4.1.6, 4.1.7, 4.1.8 en 4.1.9 in acht genomen moeten worden. Indien kolom (8) geen code bevat die begint met de letters “IBC”, mogen de betrokken gevaarlijke goederen niet in IBC's worden vervoerd;

  • Alfanumerieke codes beginnend met de letters “LP”, die betrekking hebben op verpakkingsinstructies voor grote verpakkingen. Deze instructies zijn in numerieke volgorde opgesomd in 4.1.4.3, en geven de grote verpakkingen aan, die zijn toegestaan.

    De instructies geven ook aan welke algemene verpakkingsvoorschriften van 4.1.1, 4.1.2 en 4.1.3 en welke bijzondere verpakkingsvoorschriften van 4.1.5, 4.1.6, 4.1.7, 4.1.8 en 4.1.9 in acht genomen moeten worden. Indien kolom (8) geen code bevat die begint met de letters “LP”, mogen de betrokken gevaarlijke goederen niet in grote verpakkingen worden vervoerd;

Opmerking: Bovenstaande verpakkingsinstructies kunnen door bijzondere verpakkingsvoorschriften, aangegeven in kolom (9a), worden gewijzigd.

9A Bijzondere verpakkingsvoorschriften
Deze kolom bevat de alfanumerieke codes van de bijzondere verpakkingsvoorschriften, die van toepassing zijn:

  • Alfanumerieke codes beginnend met de letters “PP” of “RR” hebben betrekking op bijzondere verpakkingsvoorschriften voor verpakkingen en houders (uitgezonderd IBC's en grote verpakkingen) die bovendien in acht moeten worden genomen.

    Deze voorschriften zijn opgesomd in 4.1.4.1, aan het einde van de desbetreffende verpakkingsinstructie (met de letter “P” of “R”) aangegeven in kolom (8). Indien kolom (9a) geen code bevat beginnend met de letters “PP” of “RR”, is geen van de aan het einde van de desbetreffende verpakkingsinstructie genoemde bijzondere verpakkingsvoorschriften van toepassing;

  • Alfanumerieke codes beginnend met de letters “B” of “BB” hebben betrekking op bijzondere verpakkingsvoorschriften voor IBC's, die bovendien in acht moeten worden genomen.

    Deze voorschriften zijn opgesomd in 4.1.4.2, aan het einde van de desbetreffende verpakkingsinstructie (met de letters “IBC”) aangegeven in kolom (8). Indien kolom (9a) geen code bevat beginnend met de letters “B” of “BB”, is geen van de aan het einde van de desbetreffende verpakkingsinstructie genoemde bijzondere verpakkingsvoorschriften van toepassing;

  • Alfanumerieke codes beginnend met de letter “L” of de letters “LL” hebben betrekking op bijzondere verpakkingsvoorschriften voor grote verpakkingen, die bovendien in acht moeten worden genomen.

    Deze voorschriften zijn opgesomd in 4.1.4.3, aan het einde van de desbetreffende verpakkingsinstructie (met de letters “LP”) aangegeven in kolom (8). Indien kolom (9a) geen code bevat beginnend met de letter “L” of de letters “LL”, is geen van de aan het einde van de desbetreffende verpakkingsinstructie genoemde bijzondere verpakkingsvoorschriften van toepassing;.
P912

Beste bezoeker, 

U bent bijna bij de volledige inhoud

Deze pagina maakt deel uit van het afgeschermde gedeelte van ADR , bedoeld voor abonnees die dagelijks met de ADR regelgeving werken.

Met een abonnement heeft u onbeperkt toegang tot de complete, gedigitaliseerde ADR, snel doorzoekbaar, met onderlinge verwijzingen en altijd bijgewerkt naar de laatste versie. Precies wat u nodig heeft om zeker en efficiënt te werken.

  • Als u al abonnee bent log dan aub in
  • Nog geen abonnement ?  U bent slechts 1 minuut verwijderd van de volledige toegang tot de Digitale ADR.  

Kolom 9b Gezamenlijke verpakking · hoofdstuk 4.1.10

Uitleg bij kolom 9b

9B Voorschriften voor gezamenlijke verpakking.
Deze kolom bevat de alfanumerieke codes van de voorschriften voor gezamenlijke verpakking, die van toepassing zijn. Deze codes, die met de letters “MP” beginnen, zijn in numerieke volgorde opgesomd in 4.1.10. Indien in kolom (9b) geen code is aangegeven, die begint met de letters “MP”, dan zijn alleen de algemene voorschriften van toepassing (zie 4.1.1.5 en 4.1.1.6).

Inklappen menu

N.V.T.

In het ADR zijn voor dit UN nummer geen bepalingen in kolom 9b van tabel 3A opgenomen.


Kolom 10 Instructies transporttanks en bulkcontainers · hoofdstuk 4.2.5.2

Uitleg bij kolom 10

Instructies voor transporttanks en bulkcontainers
Deze kolom bevat een alfanumerieke code toegekend aan een instructie voor transporttanks overeenkomstig 4.2.5.2.1 t/m 4.2.5.2.4 en 4.2.5.2.6. Deze instructie voor transporttanks komt overeen met de minst stringente voorschriften die aanvaardbaar zijn voor het vervoer van de
betreffende stof in transporttanks. De codes die de andere instructies voor transporttanks aangeven, welke ook voor het vervoer van de stof zijn toegestaan, zijn te vinden in 4.2.5.2.5. Indien geen code aangegeven is, is vervoer in transporttanks niet toegestaan, tenzij door de bevoegde autoriteit toestemming wordt verleend, zoals omschreven in 6.7.1.3.

De algemene voorschriften voor het ontwerp, de constructie, de uitrusting, de toelating van het prototype, de beproeving en de kenmerking van transporttanks zijn te vinden in hoofdstuk 6.7. De algemene voorschriften voor het gebruik (bijv. het vullen) zijn te vinden in 4.2.1 t/m 4.2.4.

De aanduiding (M) betekent dat de stof mag worden vervoerd in UN-MEGC’s.

Voor transporttanks met wanden vervaardigd van vezelgewapende kunststof (FRP) materialen, zie Hoofdstuk 6.9

Opmerking: Bovenstaande voorschriften kunnen door bijzondere bepalingen, aangegeven in kolom (11), worden gewijzigd.

Deze kolom kan tevens alfanumerieke codes bevatten die beginnen met de letters “BK”, refererend aan de typen bulkcontainers zoals beschreven in hoofdstuk 6.11, welke mogen worden gebruikt voor los gestort vervoer volgens de voorschriften van 7.3.1.1 a en 7.3.2

Inklappen menu

N.V.T.

In het ADR zijn voor dit UN nummer geen instructies in kolom 10 van tabel 3A opgenomen.


Kolom 11 Bijzondere bepalingen transporttanks en bulkcontainers · hoofdstuk 4.2.5.3

Uitleg bij kolom 11

Bijzondere bepalingen voor transporttanks en bulkcontainers
Deze kolom bevat de alfanumerieke codes van de bijzondere bepalingen voor transporttanks, die bovendien in acht moeten worden genomen. Deze codes, beginnend met de letters “TP” hebben betrekking op bijzondere bepalingen voor de constructie of het gebruik van deze transporttanks. Zij zijn te vinden in 4.2.5.3.

Opmerking: Deze bijzondere bepalingen zijn, voor zover technisch relevant, niet alleen van toepassing op de transporttanks, aangegeven in kolom (10), maar ook op de transporttanks die overeenkomstig de tabel in 4.2.5.2.5 mogen worden gebruikt.

Inklappen menu

N.V.T.

In het ADR zijn voor dit UN nummer geen bepalingen in kolom 11 van tabel 3A opgenomen.


Kolom 12 Tankcode · hoofdstuk 4.3

Uitleg bij kolom 12

Tankcodes voor ADR-tanks
Deze kolom bevat een alfanumerieke code die, overeenkomstig 4.3.3.1.1 (voor gassen van klasse 2) of 4.3.4.1.1 (voor stoffen van de klassen 3 t/m 9), een tanktype beschrijft. Dit tanktype komt overeen met de minst stringente tankvoorschriften die aanvaardbaar zijn voor het vervoer van de betreffende stof in ADR-tanks. De codes die de andere toegestane tanktypen beschrijven, zijn te vinden in 4.3.3.1.2 (voor gassen van klasse 2) of 4.3.4.1.2 (voor stoffen van de klassen 3 t/m 9). Indien geen code is aangegeven, is vervoer in ADR-tanks niet toegestaan.

Indien in deze kolom een tankcode voor vaste stoffen (S) en voor vloeistoffen (L) is aangegeven, betekent dit dat deze stof ten vervoer mag worden aangeboden in tanks in vaste of vloeibare (gesmolten) toestand. In het algemeen is deze bepaling van toepassing op stoffen met smeltpunten tussen 20o C en 180o C.

Indien voor een vaste stof in deze kolom alleen de tankcode voor vloeistoffen (L) is vermeld, dan betekent dit dat de stof alleen voor vervoer in tanks wordt aangeboden in vloeibare (gesmolten) toestand.

De algemene voorschriften voor de constructie, de uitrusting, de toelating van het prototype, de beproeving en de kenmerking, die niet in de tankcode zijn aangegeven, zijn te vinden in 6.8.1, 6.8.2, 6.8.3 en 6.8.5. De algemene voorschriften voor het gebruik (bijv. maximale vullingsgraad of vulverhouding naar gelang het geval, minimale beproevingsdruk) zijn te vinden in 4.3.1 t/m 4.3.4.

De aanduiding van een (M) na de tankcode betekent dat de stof ook mag worden vervoerd in batterijwagens of MEGC's.

De aanduiding van een (+) achter de tankcode betekent dat het afwisselend gebruik van tanks is toegestaan wanneer dit uitdrukkelijk in het certificaat van typegoedkeuring is vermeld.

Voor tanks van vezelgewapende kunststof, zie 4.4.1 en hoofdstuk 6.9; voor druk/vacuümtanks (voor afvalstoffen), zie 4.5.1 en hoofdstuk 6.10.

Opmerking: Bovenstaande voorschriften kunnen door bijzondere bepalingen, aangegeven in kolom (13), worden gewijzigd.

Inklappen menu

N.V.T.

In het ADR is voor dit UN nummer geen tankcode in kolom 12 van tabel 3A opgenomen.


Kolom 13 Bijzondere bepalingen ADR-tanks · hoofdstuk 6.8.4

Uitleg bij kolom 13

Bijzondere bepalingen voor ADR-tanks
Deze kolom bevat de alfanumerieke codes van de bijzondere bepalingen voor ADR-tanks, die bovendien in acht genomen moeten worden.

  • alfanumerieke codes beginnend met de letters “TU” hebben betrekking op bijzondere bepalingen voor het gebruik van deze tanks. Deze zijn te vinden in 4.3.5.
  • alfanumerieke codes beginnend met de letters “TC” hebben betrekking op bijzondere bepalingen voor de constructie van deze tanks. Deze zijn te vinden in 6.8.4 a).
  • alfanumerieke codes beginnend met de letters “TE” hebben betrekking op bijzondere bepalingen betreffende de uitrusting van deze tanks. Deze zijn te vinden in 6.8.4 b).
  • alfanumerieke codes beginnend met de letters “TA” hebben betrekking op bijzondere bepalingen voor de toelating van het prototype van deze tanks. Deze zijn te vinden in 6.8.4 c).
  • alfanumerieke codes beginnend met de letters “TT” hebben betrekking op bijzondere bepalingen voor de beproeving van deze tanks. Deze zijn te vinden in 6.8.4 d).
  • alfanumerieke codes beginnend met de letters “TM” hebben betrekking op bijzondere bepalingen voor de kenmerking van deze tanks. Deze zijn te vinden in 6.8.4 e).

Opmerking: Deze bijzondere bepalingen zijn, voor zover technisch relevant, niet alleen van toepassing op de tanks, aangegeven in kolom (12), maar ook op de tanks die overeenkomstig de hiërarchieën in 4.3.3.1.2 en 4.3.4.1.2 mogen worden gebruikt.

Inklappen menu

N.V.T.

In het ADR zijn voor dit UN nummer geen bepalingen in kolom 13 van tabel 3A opgenomen.


Kolom 14 Voertuig voor tankvervoer · hoofdstuk 9.1

Uitleg bij kolom 14

Voertuig voor tankvervoer
Deze kolom bevat een code die het voertuig (met inbegrip van het trekkende voertuig van aanhangwagens en opleggers) (zie 9.1.1) aangeeft, dat gebruikt moet worden voor het vervoer van de stof in een tank overeenkomstig 7.4.2.

De voorschriften voor de constructie en de toelating van de voertuigen zijn te vinden in de hoofdstukken 9.1, 9.2 en 9.7.

Inklappen menu

N.V.T.

In het ADR is voor dit UN nummer geen voertuig voor tankvervoer in kolom 14 van tabel 3A opgenomen.


Kolom 16 Bijzondere bepalingen vervoer van colli · hoofdstuk 7.2

Uitleg bij kolom 16

Bijzondere bepalingen voor het vervoer - colli
Deze kolom bevat de alfanumerieke code(s), beginnend met de letter “V”, van de bijzondere bepalingen, die van toepassing zijn op het vervoer in colli. Deze codes zijn opgesomd in 7.2.4.

De algemene voorschriften voor het vervoer in colli zijn te vinden in de hoofdstukken 7.1 en 7.2.

Opmerking: Daarnaast moeten de bijzondere bepalingen, aangegeven in kolom (18), betreffende laden, lossen en behandeling, in acht worden genomen.

Inklappen menu

N.V.T.

In het ADR zijn voor dit UN nummer geen bepalingen in kolom 16 van tabel 3A opgenomen.


Kolom 17 Bijzondere bepalingen vervoer los gestort · hoofdstuk 7.3

Uitleg bij kolom 17

Bijzondere bepalingen voor het vervoer - los gestort
Deze kolom bevat de alfanumerieke code(s) beginnend met de letters “VC” en de alfanumerieke code(s) beginnend met de letters “AP” van de bijzondere bepalingen, die van toepassing zijn op het los gestorte vervoer.

Deze codes zijn opgesomd in 7.3.3. Indien geen bijzondere bepaling aangeduid door de code “VC” of een verwijzing naar een specifieke paragraaf die deze wijze van vervoer expliciet toestaat in deze kolom is aangegeven, en geen bijzondere bepaling aangeduid door de code “BK” of een verwijzing naar een specifieke paragraaf die deze wijze van vervoer expliciet toestaat in kolom (10) is aangegeven, is los gestort vervoer niet toegestaan.

De algemene voorschriften voor het los gestort vervoer zijn te vinden in de hoofdstukken 7.1 en 7.3.

Opmerking: Daarnaast moeten de bijzondere bepalingen, aangegeven in kolom (18), betreffende laden, lossen en behandeling, in acht worden genomen.

Inklappen menu

N.V.T.

In het ADR zijn voor dit UN nummer geen bepalingen in kolom 17 van tabel 3A opgenomen.


Kolom 18 Bijzondere bepalingen laden, lossen en behandeling · hoofdstuk 7.5

Uitleg bij kolom 18

Bijzondere bepalingen voor het vervoer - laden en lossen
Deze kolom bevat de alfanumerieke code(s), beginnend met de letters “CV”, van de bijzondere bepalingen, die van toepassing zijn op het laden, lossen en behandeling. Deze codes zijn opgesomd in 7.5.11. Indien geen code is aangegeven, zijn alleen de algemene bepalingen van toepassing (zie 7.5.1 t/m 7.5.10).

Inklappen menu

N.V.T.

In het ADR zijn voor dit UN nummer geen bepalingen in kolom 18 van tabel 3A opgenomen.


Kolom 19 Bijzondere bepalingen bedrijf · hoofdstuk 8.5

Uitleg bij kolom 19

Bijzondere bepalingen voor het vervoer - bedrijf
Deze kolom bevat de alfanumerieke code(s), beginnend met de letter “S”, van de bijzondere bepalingen die van toepassing zijn op het bedrijf. Deze codes zijn opgesomd in hoofdstuk 8.5.

Deze bepalingen moeten worden toegepast in aanvulling op de voorschriften van de hoofdstukken 8.1 t/m 8.4, doch in het geval dat zij strijdig zijn met de voorschriften van de hoofdstukken 8.1 t/m 8.4, hebben deze bijzondere bepalingen voorrang.

Inklappen menu

N.V.T.

In het ADR zijn voor dit UN nummer geen bepalingen in kolom 19 van tabel 3A opgenomen.