Inleiding
Hoofdstuk 2.1
Inhoudsopgave hoofdstuk 2.1
DEEL 2
CLASSIFICATIE
HOOFDSTUK 2.1
ALGEMENE VOORSCHRIFTEN
De klassen gevaarlijke stoffen volgens het ADR zijn de volgende:
- Klasse 1 Ontplofbare stoffen en voorwerpen.
- Klasse 2 Gassen.
- Klasse 3 Brandbare vloeistoffen.
- Klasse 4.1 Brandbare vaste stoffen, zelfontledende stoffen, polymeriserende stoffen en vaste ontplofbare stoffen in niet explosieve toestand.
- Klasse 4.2 Voor zelfontbranding vatbare stoffen.
- Klasse 4.3 Stoffen die in contact met water brandbare gassen ontwikkelen.
- Klasse 5.1 Oxiderende stoffen.
- Klasse 5.2 Organische peroxiden.
- Klasse 6.1 Giftige stoffen.
- Klasse 6.2 Infectueuze stoffen.
- Klasse 7 Radioactieve stoffen.
- Klasse 8 Bijtende stoffen.
- Klasse 9 Diverse gevaarlijke stoffen en voorwerpen.
Aan elke positie in de afzonderlijke klassen is een UN-nummer toegekend. De volgende typen posities worden gebruikt:
- Individuele posities voor exact gedefinieerde stoffen of voorwerpen met inbegrip van posities voor stoffen, waaronder diverse isomeren vallen, bijv.:
UN 1090 ACETON
UN 1104 AMYLACETATEN
UN 1194 ETHYLNITRIET, OPLOSSING - Algemene posities voor een exact gedefinieerde groep van stoffen of voorwerpen, die echter geen n.e.g.-posities zijn, bijv.
UN 1133 LIJMEN
UN 1266 PARFUMERIEPRODUCTEN
UN 2757 PESTICIDE, CARBAMAAT, VAST, GIFTIG
UN 3101 ORGANISCH PEROXIDE, TYPE B, VLOEIBAAR - Specifieke n.e.g.-posities, die een groep van stoffen of voorwerpen omvatten met speciale chemische of technische eigenschappen, die niet elders genoemd zijn, bijv.:
UN 1477 ANORGANISCHE NITRATEN, N.E.G.
UN 1987 ALCOHOLEN, N.E.G. - D. Algemene n.e.g.-posities die een groep van stoffen of voorwerpen omvatten met één of meer gevaarlijke eigenschappen, en die niet elders genoemd zijn, bijv.:
UN 1325 BRANDBARE ORGANISCHE VASTE STOF, N.E.G.
UN 1993 BRANDBARE VLOEISTOF, N.E.G.
De posities bedoeld onder B, C en D zijn gedefinieerd als verzamelaanduidingen. De met name genoemde stoffen in hoofdstuk 3.2, tabel A, kolom (2) moeten worden vervoerd overeenkomstig hun classificatie in tabel A of onder de in 2.1.2.8 vermelde voorwaarden.
Voor verpakkingsdoeleinden zijn stoffen - met uitzondering van die van klassen 1, 2, 5.2, 6.2 en 7 en met uitzondering van zelfontledende stoffen van klasse 4.1 - overeenkomstig hun mate van gevaar ingedeeld in verpakkingsgroepen:
- Verpakkingsgroep I: Stoffen die een groot gevaar opleveren;
- Verpakkingsgroep II: Stoffen die een middelmatig gevaar opleveren; en
- Verpakkingsgroep III: Stoffen die een gering gevaar opleveren.
De verpakkingsgroep(en) waarin een stof is ingedeeld, staat (staan) vermeld in tabel A van hoofdstuk 3.2.
Voorwerpen worden niet ingedeeld in verpakkingsgroepen.
Vereisten ten aanzien van specifieke prestatieniveaus voor verpakkingen worden vermeld in de desbetreffende verpakkingsinstructie.
Principes van de classificatie
De gevaarlijke goederen, bedoeld in de titel van een klasse, zijn gedefinieerd op grond van hun eigenschappen overeenkomstig subsectie 2.2.x.1 van de betreffende klasse.
De indeling van de gevaarlijke goederen in een klasse en een verpakkingsgroep geschiedt op grond van de criteria genoemd in dezelfde subsectie 2.2.x.1.
De toekenning van een of meer bijkomende gevaren aan een gevaarlijke stof of voorwerp geschiedt op grond van de criteria van de klasse of de klassen overeenkomstig deze gevaren, zoals beschreven in de betreffende subsectie(s) 2.2.x.1.
Beste bezoeker,
U bent bijna bij de volledige inhoud
Deze pagina maakt deel uit van het afgeschermde gedeelte van ADR-digitaal, bedoeld voor abonnees die dagelijks met de ADR-regelgeving werken.
Met een abonnement heeft u onbeperkt toegang tot de complete, gedigitaliseerde ADR, snel doorzoekbaar, met onderlinge verwijzingen en altijd bijgewerkt naar de laatste versie. Precies wat u nodig heeft om zeker en efficiënt te werken.
- Als u al abonnee bent log dan aub in
- Nog geen abonnement ? U bent slechts 1 minuut verwijderd van de volledige toegang tot de Digitale ADR.