RID-Digitaal
home
Home

Deel 1 — Algemene voorschriften

Hoofdstuk 1.1 openen →
Hoofdstuk 1.8 openen →

Deel 2 — Classificatie

Deel 4 — Verpakkingen en tanks

Hoofdstuk 4.1 openen →
Hoofdstuk 4.2 openen →

Deel 5 — Procedures verzending

Deel 6 — Constructie + beproeving verpakkingen

Hoofdstuk 6.1 openen →
Hoofdstuk 6.2 openen →
Hoofdstuk 6.4 openen →
Hoofdstuk 6.7 openen →
Hoofdstuk 6.8 openen →
Tabel A
RID 2025
Inhoudsopgave hoofdstuk 2.2.41
  1. 2.2.41 Klasse 4.1 Brandbare vaste stoffen, zelfontledende stoffen, polymeriserende stoffen en vaste ontplofbare stoffen in niet explosieve toestand
  2. 2.2.41.1 Criteria
  3. 2.2.41.1.3 Brandbare vaste stoffen, Definities en eigenschappen
  4. 2.2.41.1.4 Classificatie

Hoofdstuk 2.2.41
BIJZONDERE VOORSCHRIFTEN VOOR DE AFZONDERLIJKE KLASSEN

Klasse 4.1 : Brandbare vaste stoffen, zelfontledende stoffen, polymeriserende stoffen en vaste ontplofbare stoffen in niet explosieve toestand

 

Klasse 4.1 Brandbare vaste stoffen, zelfontledende stoffen, polymeriserende stoffen en vaste ontplofbare stoffen in niet explosieve toestand

De titel van klasse 4.1 omvat

  • brandbare stoffen en voorwerpen,
  • ontplofbare stoffen in niet explosieve toestand, die vaste stoffen zijn overeenkomstig onderdeel a) van de definitie “vaste stof” in 1.2.1,
  • zelfontledende vaste stoffen of vloeistoffen en
  • polymeriserende stoffen.

In de klasse 4.1 zijn ingedeeld:

De stoffen en voorwerpen van klasse 4.1 zijn als volgt onderverdeeld:

F Brandbare vaste stoffen, zonder bijkomend gevaar, en voorwerpen die dergelijke stoffen bevatten

  • F1 Organisch
  • F2 Organisch, gesmolten
  • F3 Anorganisch
  • F4 Voorwerpen

FO Brandbare vaste stoffen, oxiderend

FT Brandbare vaste stoffen, giftig:

  • FT1 Organisch, giftig
  • FT2 Anorganisch, giftig

FC Brandbare vaste stoffen, bijtend:

  • FC1 Organisch, bijtend
  • FC2 Anorganisch, bijtend

D Vaste ontplofbare stoffen in niet explosieve toestand zonder bijkomend gevaar

DT Vaste ontplofbare stoffen in niet explosieve toestand, giftig

SR Zelfontledende stoffen:

  • SR1 waarvoor temperatuurbeheersing niet is vereist
  • SR2 waarvoor temperatuurbeheersing is vereist (niet ten vervoer over de spoorweg toegelaten)

PM Polymeriserende stoffen:

  • PM1 waarvoor temperatuurbeheersing niet is vereist
  • PM2 waarvoor temperatuurbeheersing is vereist (niet ten vervoer over de spoorweg toegelaten).

 

Brandbare vaste stoffen, Definities en eigenschappen

Brandbare vaste stoffenzijn gemakkelijk brandbare vaste stoffen en vaste stoffen, die door wrijving kunnen ontbranden en brand kunnen veroorzaken.

Gemakkelijk brandbare vaste stoffen zijn poedervormige, korrelige of pasteuze stoffen, die gevaarlijk zijn, omdat zij gemakkelijk worden ontstoken door kortstondig contact met de ontstekingsbron, zoals een brandend lucifer en omdat de vlammen zich snel verspreiden.

Het is mogelijk, dat het gevaar niet alleen veroorzaakt wordt door de brand, maar ook door giftige verbrandingsproducten.

Metaalpoeders zijn bijzonder gevaarlijk, omdat het moeilijk is het vuur te doven, aangezien normale blusmiddelen zoals koolzuur of water het gevaar kunnen verhogen.

Metaalpoeders zijn poeders van metalen of metaallegeringen.

Classificatie

De in klasse 4.1, brandbare vaste stoffen, ingedeelde stoffen en voorwerpen zijn genoemd in tabel A van hoofdstuk 3.2. De indeling van organische stoffen en voorwerpen, die niet met name zijn genoemd in tabel A van hoofdstuk 3.2 in de juiste positie van subsectie 2.2.41.3 overeenkomstig het bepaalde in hoofdstuk 2.1 kan geschieden op grond van ervaring of op grond van de resultaten van de beproevingsmethoden volgens het Handboek beproevingen en criteria, deel III, subsectie 33.2.

De indeling van anorganische stoffen, die niet met name zijn genoemd moet geschieden op grond van de resultaten van de beproevingsmethoden volgens het Handboek beproevingen en criteria, deel III, subsectie 33.2; hierbij moet ook rekening worden gehouden met ervaringen, indien deze tot een strengere indeling leiden.

Indien niet met name genoemde stoffen en voorwerpen onder een van de posities in 2.2.41.3 worden ingedeeld op grond van de beproevingsmethoden volgens het Handboek beproevingen en criteria, deel III, subsectie 33.2, zijn de volgende criteria van toepassing:

  1. poedervormige, korrelige of pasteuze stoffen, met uitzondering van metaalpoeders moeten worden ingedeeld als gemakkelijk brandbare stoffen van klasse 4.1, indien zij door kortstondig contact met een ontstekingsbron (bijvoorbeeld een brandende lucifer) gemakkelijk kunnen worden ontstoken, of indien bij ontsteking de vlam zich snel uitbreidt, de brandduur voor een meetafstand van 100 mm korter is dan 45 seconden of de voortplantingssnelheid van de verbranding hoger is dan 2,2 mm/s.
  2. Metaalpoeders moeten in klasse 4.1 worden ingedeeld, indien zij door contact met een vlam kunnen worden ontstoken en indien de reactie zich binnen 10 minuten over de gehele lengte van het monster uitbreidt.

Vaste stoffen die vlam kunnen vatten als gevolg van wrijving moeten worden ingedeeld in klasse 4.1 naar analogie met bestaande posities (bijv. lucifers) of in overeenstemming met een geëigende bijzondere bepaling.

Op grond van de beproevingsmethoden volgens het Handboek beproevingen en criteria, deel III, sectie 33.2 en de criteria van 2.2.41.1.4 en 2.2.41.1.5, kan ook worden vastgesteld of de aard van een met name genoemde stof zodanig is, dat deze stof niet is onderworpen aan de voorwaarden van deze klasse.

Beste bezoeker, 

U bent bijna bij de volledige inhoud

Deze pagina maakt deel uit van het afgeschermde gedeelte van RID , bedoeld voor abonnees die dagelijks met de RID regelgeving werken.

Met een abonnement heeft u onbeperkt toegang tot de complete, gedigitaliseerde RID, snel doorzoekbaar, met onderlinge verwijzingen en altijd bijgewerkt naar de laatste versie. Precies wat u nodig heeft om zeker en efficiënt te werken.

  • Als u al abonnee bent log dan aub in
  • Nog geen abonnement ?  U bent slechts 1 minuut verwijderd van de volledige toegang tot de Digitale RID.