Klasse 3 Brandbare vloeistoffen
Hoofdstuk 2.2.3
Inhoudsopgave hoofdstuk 2.2.3
Hoofdstuk 2.2.3
BIJZONDERE VOORSCHRIFTEN VOOR DE AFZONDERLIJKE KLASSEN
Klasse 3 : Brandbare vloeistoffen
Criteria
De titel van klasse 3 omvat stoffen, alsmede voorwerpen die stoffen van deze klasse bevatten, die:
- vloeistoffen zijn overeenkomstig onderdeel a) van de definitie "vloeistof" in 1.2.1,
- bij 50 °C een dampdruk hebben van ten hoogste 300 kPa (3 bar) en bij 20 °C en een standaarddruk van 101,3 kPa niet volledig gasvormig zijn, en
- een vlampunt hebben van ten hoogste 60 °C (zie 2.3.3.1 voor de betreffende beproeving).
De titel van klasse 3 omvat tevens brandbare vloeistoffen en vaste stoffen in gesmolten toestand, met een vlampunt hoger dan 60 ºC, die bij een temperatuur gelijk aan of hoger dan hun vlampunt verwarmd vervoerd of ten vervoer aangeboden worden. Deze stoffen zijn ingedeeld onder UN-nummer 3256.
De titel van klasse 3 omvat ook vloeibare ontplofbare stoffen in niet explosieve toestand. Vloeibare ontplofbare stoffen in niet-explosieve toestand zijn ontplofbare stoffen die zijn opgelost of gesuspendeerd in water of andere vloeistoffen, zodat een homogeen vloeibaar mengsel ontstaat, met het doel hun explosieve eigenschappen te onderdrukken. Dergelijke posities in tabel A van hoofdstuk 3.2 zijn UN-nummers 1204, 2059, 3064, 3343, 3357, 3379 en 3555.
Opmerking 1: Stoffen met een vlampunt hoger dan 35 °C, die geen verbranding onderhouden volgens de criteria van het Handboek beproevingen en criteria, deel III, subsectie 32.2.5, zijn geen stoffen van klasse 3; indien deze stoffen echter bij een temperatuur gelijk aan of hoger dan hun vlampunt verwarmd vervoerd of ten vervoer aangeboden worden, zijn zij wel stoffen van klasse 3.
Opmerking 2: In afwijking van 2.2.3.1.1 zijn dieselolie, gasolie of lichte stookolie, met inbegrip van synthetisch vervaardigde producten, met een vlampunt hoger dan 60 °C en ten hoogste 100 °C stoffen van klasse 3, UN-nummer 1202.
Opmerking 3: Brandbare vloeistoffen die zeer giftig zijn bij inademing, zoals gedefinieerd in 2.2.61.1.4 tot en met 2.2.61.1.9, en giftige stoffen met een vlampunt van 23 °C of hoger zijn stoffen van klasse 6.1 (zie 2.2.61.1). Vloeistoffen die zeer giftig zijn bij inademing worden aangeduid als “giftig bij inademing” in hun juiste vervoersnaam in kolom (2) of conform bijzondere bepaling 354 in kolom (6) van tabel A van hoofdstuk 3.2.
Opmerking 4: Brandbare vloeistoffen en vloeibare preparaten die gebruikt worden als pesticide, en die zeer giftig, giftig of zwak giftig zijn, met een vlampunt gelijk aan of hoger dan 23 °C, zijn stoffen van klasse 6.1 (zie 2.2.61.1).
De stoffen en voorwerpen van klasse 3 zijn als volgt onderverdeeld:
F Brandbare vloeistoffen zonder bijkomend gevaar en voorwerpen die dergelijke stoffen bevatten:
F1 Brandbare vloeistoffen met een vlampunt van ten hoogste 60 °C
F2 Brandbare vloeistoffen met een vlampunt hoger dan 60 °C die bij een temperatuur gelijk aan of hoger dan het vlampunt vervoerd of ten vervoer aangeboden worden (verwarmde stoffen)
F3 Voorwerpen die brandbare vloeistoffen bevatten
FT Brandbare vloeistoffen, giftig:
FT1 Brandbare vloeistoffen, giftig
FT2 Pesticiden
FC Brandbare vloeistoffen, bijtend
FTC Brandbare vloeistoffen, giftig, bijtend
D Vloeibare ontplofbare stoffen in niet explosieve toestand
De stoffen en voorwerpen die zijn ingedeeld in klasse 3 zijn genoemd in hoofdstuk 3.2, tabel A. Stoffen die niet met name zijn genoemd in tabel A van hoofdstuk 3.2 moeten overeenkomstig de bepalingen van deze sectie in de juiste positie van 2.2.3.3 en de juiste verpakkingsgroep worden ingedeeld.
Op grond van de mate van gevaarlijkheid voor het vervoer moeten brandbare vloeistoffen worden ingedeeld in een van de volgende verpakkingsgroepen:
| Verpakkingsgroep | Vlampunt (gesloten cup) | Beginkookpunt |
| I II a) III a) |
-- < 23 °C ≥ 23 °C en ≤ 60 °C |
≤ 35 °C > 35 °C > 35 °C |
a) Zie ook 2.2.3.1.4
Bij vloeistoffen met (een) bijkomend(e) gevaar (gevaren) is de overeenkomstig bovenstaande tabel bepaalde verpakkingsgroep en de op basis van het (de) bijkomend(e) gevaar (gevaren) bepaalde verpakkingsgroep in acht te nemen; de classificatie en de verpakkingsgroep moet in overeenstemming met de voorschriften van de tabel van de overheersende gevaren in 2.1.3.10 worden bepaald.
Viskeuze brandbare vloeistoffen zoals verf, emaillak, lakverf, vernis, lijm en polijstmiddelen met een vlampunt van minder dan 23 °C kunnen in verpakkingsgroep III worden ingedeeld overeenkomstig de procedures in het Handboek beproevingen en criteria, deel III, subsectie 32.3, onder voorwaarde dat:
- De viscositeit* en het vlampunt overeenkomen met de waarden in de volgende tabel:
| Geëxtrapoleerde kinematische viscositeit ν (bij een afschuifsnelheid van bijna 0) mm2/s bij 23°C |
Uitlooptijd t in s | Diameter van de uitloopopening (mm) |
Vlampunt, gesloten kroesmethode (°C) |
| 20 < ν <= 80 | 20 < t <= 60 | 4 | hoger dan 17 |
| 80 < ν <= 135 | 60 < t <= 100 | 4 | hoger dan 10 |
| 135 < ν <= 220 | 20 < t <= 32 | 6 | hoger dan 5 |
| 220 < ν <= 300 | 32 < t <= 44 | 6 | hoger dan -1 |
| 300 < ν <= 700 | 44 < t <= 100 | 6 | hoger dan -5 |
| 700 < ν | 100 < t | 6 | geen limiet |
- Bij de beproeving van afscheiding van het oplosmiddel de afscheiding van de heldere laagoplosmiddel minder dan 3% bedraagt;
- Het mengsel of het eventueel afgescheiden oplosmiddel niet voldoet aan de criteria van klasse6.1 of klasse 8;
- De stoffen zijn verpakt in houders met een inhoud van maximaal 450 liter.
Opmerking: Deze bepalingen zijn ook van toepassing op mengsels die ten hoogste 20% nitrocellulose met een stikstofgehalte van ten hoogste 12,6% in de droge stof bevatten. Mengsels die meer dan 20% maar niet meer dan 55% nitrocellulose met een stikstofgehalte van ten hoogste 12,6% in de droge stof bevatten, worden ingedeeld onder UN-nr. 2059.
Mengsels met een vlampunt lager dan 23° C die:
- meer dan 55% nitrocellulose bevatten, ongeacht het stikstofgehalte; of
- ten hoogste 55% nitrocellulose met een stikstofgehalte van meer dan 12,6% in de drogestof bevatten, zijn stoffen van klasse 1 (UN-nrs. 0340 of 0342) of van klasse 4.1 (UN-nrs. 2555, 2556 of 2557).
* Bepaling van de viscositeit: In geval van niet-newtons gedrag van de betreffende stof, of indien de methode voor de bepaling van de viscositeit met de uitloopbeker om andere redenen ongeschikt is, dan moet een viscosimeter met variabele afschuifsnelheid gebruikt worden voor de bepaling van de coëfficiënt van dynamische viscositeit van de stof bij 23 oC bij verschillende afschuifsnelheden; de verkregen waarden moeten als functie van de afschuifsnelheden worden geëxtrapoleerd naar een afschuifsnelheid 0. De aldus verkregen dynamische viscositeit, gedeeld door de dichtheid, geeft de schijnbare kinematische viscositeit bij een afschuifsnelheid van bijna
Viskeuze vloeistoffen
Behalve zoals bepaald in 2.2.3.1.5.2, zijn viskeuze vloeistoffen die:
- een vlampunt hebben van 23 °C of hoger en ten hoogste 60 °C;
- niet giftig, bijtend of milieugevaarlijk zijn;
- niet meer dan 20% nitrocellulose, bevatten mits de nitrocellulose een stikstofgehalte van maximaal 12,6% in de droge stof bevat; en
- in houders met een inhoud van maximaal 450 liter worden verpakt;
niet onderworpen aan het RID, indien:
- bij de beproeving van afscheiding van het oplosmiddel (zie Handboek beproevingen en criteria, deel III, subsectie 32.5.1) de hoogte van de afgescheiden laag van het oplosmiddel kleiner is dan 3% van de totale hoogte; en
- de uitlooptijd in de viscositeitsproef (zie handboek beproevingen en criteria, deel III, subsectie 32.4.3) bij een uitloopopening van 6 mm ten minste:
- 60 seconden bedraagt; of
- 40 seconden indien de viskeuze vloeistof niet meer dan 60% van stoffen van klasse 3 bevat.
Viskeuze vloeistoffen die ook milieugevaarlijk zijn maar aan alle overige criteria van 2.2.3.1.5.1 voldoen, zijn niet onderworpen aan enige andere bepalingen van het RID indien zij worden vervoerd in enkelvoudige of samengestelde verpakkingen die een netto hoeveelheid per enkelvoudige of binnenverpakking van 5 liter of minder bevatten, mits de verpakkingen aan de algemene bepalingen van 4.1.1.1, 4.1.1.2 en 4.1.1.4 tot en met 4.1.1.8 voldoen.
Beste bezoeker,
U bent bijna bij de volledige inhoud
Deze pagina maakt deel uit van het afgeschermde gedeelte van RID , bedoeld voor abonnees die dagelijks met de RID regelgeving werken.
Met een abonnement heeft u onbeperkt toegang tot de complete, gedigitaliseerde RID, snel doorzoekbaar, met onderlinge verwijzingen en altijd bijgewerkt naar de laatste versie. Precies wat u nodig heeft om zeker en efficiënt te werken.
- Als u al abonnee bent log dan aub in
- Nog geen abonnement ? U bent slechts 1 minuut verwijderd van de volledige toegang tot de Digitale RID.