RID-Digitaal
home
Home

Deel 1 — Algemene voorschriften

Hoofdstuk 1.1 openen →
Hoofdstuk 1.8 openen →

Deel 2 — Classificatie

Deel 4 — Verpakkingen en tanks

Hoofdstuk 4.1 openen →
Hoofdstuk 4.2 openen →

Deel 5 — Procedures verzending

Deel 6 — Constructie + beproeving verpakkingen

Hoofdstuk 6.1 openen →
Hoofdstuk 6.2 openen →
Hoofdstuk 6.4 openen →
Hoofdstuk 6.7 openen →
Hoofdstuk 6.8 openen →
Tabel A
RID 2025
Inhoudsopgave hoofdstuk 2.1
  1. 2.1.1 Inleiding
  2. 2.1.2 Principes van de classificatie

DEEL 2 Classificatie

Hoofdstuk 2.1
ALGEMENE VOORSCHRIFTEN

 

De klassen gevaarlijke stoffen volgens het RID zijn de volgende:

Klasse 1 Ontplofbare stoffen en voorwerpen.
Klasse 2 Gassen.
Klasse 3 Brandbare vloeistoffen.
Klasse 4.1 Brandbare vaste stoffen, zelfontledende stoffen, polymeriserende stoffen en vaste ontplofbare stoffen in niet explosieve toestand.
Klasse 4.2 Voor zelfontbranding vatbare stoffen.
Klasse 4.3 Stoffen die in contact met water brandbare gassen ontwikkelen.
Klasse 5.1 Oxiderende stoffen.
Klasse 5.2 Organische peroxiden.
Klasse 6.1 Giftige stoffen.
Klasse 6.2 Infectieuze stoffen.
Klasse 7 Radioactieve stoffen.
Klasse 8 Bijtende stoffen.
Klasse 9 Diverse gevaarlijke stoffen en voorwerpen.

Aan elke positie in de afzonderlijke klassen is een UN-nummer toegekend. De volgende typen posities worden gebruikt:

A. Individuele posities voor exact gedefinieerde stoffen of voorwerpen met inbegrip van posities voor stoffen, waaronder diverse isomeren vallen, bijv.:

UN 1090 ACETON
UN 1104 AMYLACETATEN
UN 1194 ETHYLNITRIET, OPLOSSING

B. Algemene posities voor een exact gedefinieerde groep van stoffen of voorwerpen, die echter geen n.e.g.-posities zijn, bijv.:

UN 1133 LIJMEN
UN 1266 PARFUMERIEPRODUCTEN
UN 2757 PESTICIDE, CARBAMAAT, VAST, GIFTIG
UN 3101 ORGANISCH PEROXIDE, TYPE B, VLOEIBAAR

C. Specifieke n.e.g.-posities, die een groep van stoffen of voorwerpen omvatten met speciale chemische of technische eigenschappen, die niet elders genoemd zijn, bijv.:

UN 1477 ANORGANISCHE NITRATEN, N.E.G.
UN 1987 ALCOHOLEN, N.E.G.

D. Algemene n.e.g.-posities die een groep van stoffen of voorwerpen omvatten met één of meer gevaarlijke eigenschappen, en die niet elders genoemd zijn, bijv.:

UN 1325 BRANDBARE ORGANISCHE VASTE STOF, N.E.G.
UN 1993 BRANDBARE VLOEISTOF, N.E.G.

De posities bedoeld onder B, C en D zijn gedefinieerd als verzamelaanduidingen.

Voor verpakkingsdoeleinden zijn stoffen - met uitzondering van die van klassen 1, 2, 5.2, 6.2 en 7 en met uitzondering van zelfontledende stoffen van klasse 4.1 - overeenkomstig hun mate van gevaar ingedeeld in verpakkingsgroepen:

  • Verpakkingsgroep I: Stoffen die een groot gevaar opleveren;
  • Verpakkingsgroep II: Stoffen die een middelmatig gevaar opleveren; en
  • Verpakkingsgroep III: Stoffen die een gering gevaar opleveren.

De verpakkingsgroep(en) waarin een stof is ingedeeld, staat (staan) vermeld in tabel A van hoofdstuk 3.2.

Voorwerpen worden niet ingedeeld in een verpakkingsgroepen. Eventuele voorschriften voor een specifiek prestatieniveau van de verpakking worden aangegeven in de desbetreffende verpakkingsinstructie.

Principes van de classificatie

De gevaarlijke goederen, bedoeld in de titel van een klasse, zijn gedefinieerd op grond van hun eigenschappen overeenkomstig subsectie 2.2.x.1 van de betreffende klasse.

De indeling van de gevaarlijke goederen in een klasse en een verpakkingsgroep geschiedt op grond van de criteria genoemd in dezelfde subsectie 2.2.x.1. De toekenning van een of meer bijkomende gevaren aan een gevaarlijke stof of voorwerp geschiedt op grond van de criteria van de klasse of de klassen overeenkomstig deze gevaren, zoals beschreven in de betreffende subsectie(s) 2.2.x.1.

Alle posities voor gevaarlijke goederen zijn opgenomen in tabel A van hoofdstuk 3.2 en wel in de numerieke volgorde van hun UN-nummer. Deze tabel bevat informatie die van toepassing is op de opgenomen goederen, zoals de benaming, de klasse, de verpakkingsgroep(en), het/de gevaarsetiket(ten), die moeten worden aangebracht en de voorschriften voor de verpakking en het vervoer.

De in hoofdstuk 3.2, tabel A, kolom (2) met name genoemde stoffen moeten worden vervoerd overeenkomstig hun indeling in tabel A of onder de voorwaarden aangegeven in 2.1.2.8.

Opmerking: Een alfabetische lijst van deze posities is in Tabel B van hoofdstuk 3.2 opgenomen.

Een stof kan technische onzuiverheden (die bijvoorbeeld afkomstig zijn uit het productieproces) of additieven voor stabiliteit of andere doeleinden bevatten, die niet de classificatie ervan beïnvloeden. Echter, een met name genoemde stof, dat wil zeggen opgesomd als een individuele positie in Tabel A van hoofdstuk 3.2, die technische onzuiverheden of additieven voor stabiliteit of andere doeleinden bevat, die de classificatie ervan beïnvloeden, moet worden beschouwd als oplossing of mengsel (zie 2.1.3.3).

Gevaarlijke goederen die zijn genoemd of gedefinieerd in subsectie 2.2.x.2 van de onderscheiden klassen, zijn niet ten vervoer toegelaten.

Beste bezoeker, 

U bent bijna bij de volledige inhoud

Deze pagina maakt deel uit van het afgeschermde gedeelte van RID , bedoeld voor abonnees die dagelijks met de RID regelgeving werken.

Met een abonnement heeft u onbeperkt toegang tot de complete, gedigitaliseerde RID, snel doorzoekbaar, met onderlinge verwijzingen en altijd bijgewerkt naar de laatste versie. Precies wat u nodig heeft om zeker en efficiënt te werken.

  • Als u al abonnee bent log dan aub in
  • Nog geen abonnement ?  U bent slechts 1 minuut verwijderd van de volledige toegang tot de Digitale RID.